Natuurinclusief opnemen in je ontwerp, waar kun je aan denken?

natuurinclusief ontwerp DP6 Delft voor ontwerp in Den Haag

architectenbureau DP6 uit Delft maakte een ontwerp voor een natuurinclusief gebouw met omgeving voor de gemeente Den Haag

Natuurinclusief, klimaatadaptief ontwerpen en bouwen. Waar kun je aan denken en hoe integreer je dat in je ontwerp?

Velen van jullie kennen de folder van de Vogelbescherming waarin maatregelen genoemd worden die de natuur terug in de stad brengt zoals:

  • holle stenen
  • nestkastjes
  • bijenkorven
  • vogelvriendelijke stad en bijbehorende (gevel)beplanting
  • groene daken etc.

Er zijn meer ontwikkelingen:

  • Vogelbescherming Nederland is bezig om een tookit natuurinclusief ontwerpen te maken
    helaas pas in de herfst af
  • Er is al wel informatie over natuurinclusief bouwen te vinden op onze website checklistgroenbouwen.nl
  • De gemeente Den Haag heeft een magazine uitgebracht met talloze voorbeelden van natuurinclusief ontwerpen voor bestaande bouw en nieuwbouw, die ingediend zijn door architectenbureau’s uit de regio.
  • Verder heeft de gemeente Den Haag een puntensysteem natuurinclusief bouwen uitgebracht in afwachting van de omgevingsvisie

 

Vogelbescherming opent checklist groen bouwen

Femke Jochems, Vogelbescherming Nederland:

We zijn inderdaad bezig met een toolkit natuurinclusief ontwerpen! Deze is nu in ontwikkeling, planning is dat deze in de herfst klaar is. helaas nog niet beschikbaar zijn voor de challenge van dit schooljaar dus.   Er is al wel informatie over natuurinclusief bouwen te vinden op onze website checklistgroenbouwen.nl. Informatie over een vogelvriendelijke stad en bijbehorende (gevel)beplanting staat ook in het boek Stadsvogels: bouwen, beleven, beschermen.

Wethouder Boudewijn Revis (Stadsontwikkeling & Wonen):

Den Haag gaat als eerste stad in Nederland een puntensysteem invoeren voor groen- en natuurinclusief bouwen. Met het systeem worden ontwikkelaars en architecten op eenvoudige wijze verplicht om groen en natuur in de directe omgeving te bevorderen, met bijvoorbeeld groene daken of muren.

De verwachte groei van de stad maakt dat we verschillende wegen moeten bewandelen om de stad aantrekkelijk, prettig en gezond te houden. Natuurinclusief bouwen helpt daarbij. Veel burgers genieten van natuur in de stad. Groen in de directe gebouwde omgeving draagt ook bij aan het verminderen van hittestress en het verminderen van wateroverlast. Daarom heeft Den Haag haar ambitie om te groeien gekoppeld aan een ambitie om de stad te vergroenen.

Puntensysteem natuurinclusief ontwerpen

Irene Mulder programmamanager Gemeente Den Haag over water vasthouden, hitte buiten houden en natuurbeleving in de stad is de bedenker van Natuurinclusief ontwerpen. Zij vertelt hoe opdrachtgevers met het nieuwe systeem moeten omgaan.

Het puntensysteem hebben we heel eenvoudig gehouden. Een ontwikkelaar of architect kan uit een lijst met maatregelen een keuze maken. Aan elke maatregel zijn 1, 2 of 3 punten toegekend. Vooraf is vastgelegd hoeveel punten in totaal behaald moeten worden. Dit puntenaantal is gekoppeld aan de omvang van het project en de ligging in de stad. De architect/ontwikkelaar kan dus zelf kiezen welke maatregelen hij toepast.

Het systeem is ingevoerd om (groene) kansen in de bouwgolf van nu te verzilveren. Ondertussen werken we aan het verwerven van meer kennis over groeninclusief plannen, bouwen en beheren. In 2020 evalueert Den Haag de werking van het puntensysteem.

Presentatie

Hieronder vind je de presentatie die Irene Mulder op 14 juni 2018 gaf over natuurinclusief bouwen tijdens de SLIMCirculair informatiedag ter voorbereiding op de challenge

 

Atelier Pro over hun ontwerp

Ook atelier Pro heeft een ontwerp gemaakt dat opgenomen is in het Haagse magazine. De lokatie die Pro gekozen heeft is een locatie op het kruispunt van de Princes Beatrixlaan en de Jan Pietersz. Coenstraat. Het gebouw staat locatie ingeklemd tussen een aantal hoge gebouwen.

pro ontwerp den haag

Maatregelen

  • Het daklandschap vormt een cascade wat resulteert in een circulair watersysteem waarin hemelwater wordt vertraagt, vasthoudt en eventueel wordt hergebruikt voor bijvoorbeeld irrigatie van de flora in en om het gebouw. Ook zal het daklandschap zorgen voor reductie van hitte middels intensieve en extensieve groendaken.
  • De verticale biodiversiteit ontstaat met de verschillende bio­topen op verschillende niveaus:
    • Vanaf maaiveld niveau t/m 18m wordt een entreetuin en rijk daktuinenlandschap aangelegd voor de vlinders, bijen en kleine vogels als de huismus.
    • Op 28m wordt er een intensief begroeide collectieve tuin aangelegd met inheemse struiken waar vogels en insecten in kunnen nestelen.
    • Tussen 46m en 62 meter hoogte zullen de daktuinen exten­sief begroeid worden.
    • Het hoogte daktuin op 98m zal vooral een extensief daktuin worden met sedum en minimale beplanting. De roofdieren als de slechtvalk krijgen hier hun habitat.

Om de maatregels zoveel mogelijk te integreren in het ontwerp is er gekozen voor een aantal prefab oplossingen, waarbij nestkasten volledig geïntegreerd in de prefab gevel­elementen worden verwerkt.

  • Ruimte voor een Pocketpark wordt gemaakt door de hoogte in te gaan en hiermee de voetprint te beperken.
  • Dit sluit naadloos aan op het idee van ‘Slim Groeien’ uit de agenda “Ruimte voor de Stad”. Hier kunnen ook struiken worden aangelegd die geschikt zijn voor vlinders en andere insecten.
  • Een aantal inheemse bomen krijgen hier ook de ruimte om te bloeien zonder dat er ingewikkelde en dure oplossingen bedacht moeten worden op de daktuinlandschappen.
  • De loggia’s worden met klimop beplant om meer leefruimte te creëren voor insecten.

Deze ingrepen, naast het creëren van ruimte voor de natuur, voegen ook veel kwaliteit aan de menselijke beleving. Door ze te beperken aan specifieke en toegankelijke plekken, is het groen eenvoudig te onderhouden. Dit zorgt er ook voor dat het gebouw goed past bij het stedelijke karakter van het Beatrixkwartier.

Haagse nota

Het ontwerp gaat uit van een holistische aanpak van een duurzame inzet van programmering om de lokale biodiver­siteit te vergroten. Deze programmering is direct gekoppeld aan de nota “Haagse hoogbouw: Eyeline en Skyline” waar diverse typologieën worden omschreven die direct gerela­teerd staan aan de bouwhoogte en volume. Een stapeling van deze volumes zorgt voor een dakland­schap waar ook diverse biotopen kunnen ontstaan afhanke­lijk van de hoogte.